De kast

Je hoeft natuurlijk niet uit de kast te komen.

– Olivia Laing

Dat Olivia Laing een groot bewonderaar is van de Britse kunstenaar, filmmaker en homoactivist Derek Jarman (1942-1994) wist ik al uit haar boeken, waarvan ik er een aantal heb vertaald. Hoe groot ontdekte ik pas toen ik Jarman zelf las: de dagboeken die hij eind jaren tachtig bijhield tijdens zijn verblijf op het onafzienbare kiezelstrand van Dungeness, een desolate landtong aan de kust van Kent. Als een soort heremiet ging hij er in Prospect Cottage wonen, een aan de elementen blootgesteld zwart geteerd huisje, en legde op de ogenschijnlijk onvruchtbare steenvlakte rondom zijn “kluizenaarscel” een magnifieke wildeplantentuin aan, met als achterdoek de omineuze koeltorens van een kerncentrale.

Jarman heeft absoluut een verhaal te vertellen. Als seropositieve homosexueel in het conservatieve Engeland van de late jaren tachtig is hij ten dode opgeschreven: iedereen die seropositief is en aids krijgt wordt door overheid en maatschappij openlijk als een paria behandeld. Van viezeriken als Jarman moest Margaret Thatcher niets hebben.

Van de weeromstuit neemt Jarman geen blad voor de mond als hij zich in zijn dagboeken (en in zijn kunst en zijn films) uitspreekt over zijn geaardheid en ruige levensstijl: de rusteloze nachten, het cruisen, de allesbehalve “veilige” sex. Alle brave normen en waarden van het benepen heterosexuele burgermansdom moeten eraan geloven. Dat de hardcore passages die dat onderstrepen mij onbarmhartig uit mijn comfortzone gooien zal wel de bedoeling zijn, maar ik sla ze toch maar over. 

Jarman wisselt ze af met lyrische alinea’s over de plantjes die onder zijn groene vingers ontkiemen tussen de onvruchtbare kiezels: plantjes die hij zorgzaam water geeft, behoedt en laat opgroeien. Heel idyllisch, maar op den duur leveren ook de herhaalde opsommingen van plantennamen moeizame, ironisch genoeg zelfs dorre lectuur op. Hoe fascinerend het ook is dat Jarman zijn paradijselijke tuin op deze onherbergzame stenen kust weet te realiseren (en ja, ik zie en waardeer de analogie met zijn missie als gediscrimineerde, ten dode opgeschreven homoactivist), ik ga steeds meer overslaan en leg het boek uiteindelijk half gelezen weg.

De compromisloze Jarman was voor mij duidelijk een brug te ver, maar Laings enthousiaste inleiding bij de dagboeken van haar idool maakte me nieuwsgierig naar wat ze zelf een generatie later over het al dan niet heterosexuele lichaam te zeggen heeft. In haar andere boeken is een eventuele gendertwijfel alleen tussen de regels door te bespeuren, gaat ze zich in Ieder een lichaam minder terughoudend uitspreken?

Nou, nee. In een stortvloed aan wetenswaardigheden over miskende en/of controversiële geleerden, kunstenaars, feministen en musici brengt ze uitgebreid onder woorden hoe die tegenover gender en het gevoel gevangen te zitten in het verkeerde lichaam staan. Dat levert boeiende lectuur op, niet in de laatste plaats omdat Laing het onderwerp omzichtiger te lijf gaat dan de activistische Jarman. Maar ook bij Laing haal ik de helft van het boek niet: het is te veel, het gaat te veel kanten op, ze reconstrueert de ene levensloop na de andere, het regent verwijzingen (een register was handig geweest). En terwijl ze haar onderwerpen alsmaar grondiger uitdiept, word ik onder die grondigheid bedolven . . . en verlies mijn interesse. 

Als voormalig Laing-vertaler herken ik intussen veel: aanpak, stijl, thematiek en zelfs woordkeus komen overeen met eerdere publicaties van haar hand over schrijven en alcohol (Het uitstapje naar Echo Spring) en eenzaamheid in de metropool (De eenzame stad). Zelfs de overdosis plantennamen die me bij Jarman ging tegenstaan heeft een tegenhanger bij zijn bewonderaarster Laing, die in haar eerste boek, Naar de rivier, onvermoeibaar alles opsomt wat er groeit en bloeit in de bermen waar ze langs wandelt. 

En zo blader ik nog wat in de tweede helft voor ik Ieder een lichaam wegleg, al weet ik dat ik op deze manier niet te weten ga komen of Laing, behoudens het hierboven geciteerde, iets over het hare gaat zeggen. 

◊◊◊

Leestafel: Derek Jarman, Moderne natuur. Aantekeningen uit een tuin aan de rand van het bestaan. Vert. van Modern Nature (1991) door H. Corver en N. Groen, 2024.

Olivia Laing, Ieder een lichaam. Over verzet, verlangen en vrijheid. Vert. van Everybody (2021) door H. Corver, 2021. Eerdere posts over Laing vind je via de trefwoorden aan de rechterkant van deze pagina.

Prent: Londen, 1982. Foto © Gertrudsdottir.