Lof der retorica

30-mother-of-sin

Een universitaire studie in de letteren leidt zoals iedereen weet zo ongeveer nergens toe, behalve, voor de meest getalenteerde studenten, tot een universitaire onderwijscarrière in de letteren.
– Michel Houellebecq

Ook ik heb een universitaire studie in de letteren gevolgd, zonder veel meer ambitie dan het kneden van mijn geest, wat ook wel bekendstaat als het verwerven van een academisch denkniveau. Die zes jaar studie brachten me natuurlijk ook wel meer dan alleen dat denkniveau. Er kwam van alles op mijn pad waar ik voorheen geen weet van had. Zoals de rijkdommen van het zeventiende-eeuwse Engelse literaire landschap, een terrein waar ik me tot mijn eigen verbazing in ben gaan verdiepen en waar ik uiteindelijk ook mijn afstudeeronderwerp vandaan heb gehaald.

John Dryden Religio Laici voorbladMijn doctoraalscriptie gaat over de ‘redelijke’ taal in Religio Laici ofwel ‘Lekenreligie’, een poëtische ‘longread’ van 465 versregels waarin John Dryden, de Engelse ‘dichter des Vaderlands’, in 1682 een lans breekt voor het anglicaanse geloof en de Church of England. Ik kijk daarbij naar wat Dryden zegt maar nog veel meer naar hoe hij het zegt; het gaat me vooral om het gereedschap waarmee de dichter zijn gehoor hoopt te overtuigen van zijn gelijk.

In het afsluitend couplet brengt hij dat gereedschap zelf ook even ter sprake, een beetje depreciërend, alsof hij eventuele kritiek voor wil zijn:

           Thus have I made my own Opinions clear:
           Yet neither Praise expect, nor Censure fear:
           And this unpolish’d, rugged Verse, I chose;
           As fittest for Discourse, and nearest Prose:

Zelf vindt hij zijn verzen dus ‘ongepolijst’ (unpolish’d) en zelfs ‘hoekig’ (rugged), maar bij Dryden is alles een retorisch instrument, dus ook deze kennelijke bescheidenheid. Zoals de man zelf als geen ander weet, zijn zijn verzen wel degelijk gepolijst, en is van hoekige taal nergens sprake.

Wat begon als een analyse van Drydens woordkunst mondde uit in een ware lofzang op het rigoureuze, bevlogen vakmanschap van de dichter, op zijn jaloersmakende greep  op zijn taal én op zijn onderwerp.

Religio Laici sample page notes by GG

Ik dacht, ik zet die scriptie gewoon online, kan iedereen ’m lezen – maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Mijn state-of-the-art OS weet zich geen raad met een Atari-floppy uit het stenen computertijdperk. Komt tijd, komt raad. Hier is in elk geval hoofdstuk 1 – uiteraard in het Engels. Wie meer wil, melde zich via het contactformulier.

The Power of Art without the Show – Chapter 1

◊◊◊

John Dryden, Religio Laici, or A Layman’s Faith. A Poem. 1682.

Laura van Campenhout, The Power of Art without the Show. Universiteit van Amsterdam, 1991. In eigen beheer. Gezet in de slanke variant van de Courier die met de opkomst van MS Word geruisloos van het tekstverwerkingstoneel is verdwenen.

Michel Houellebecq, Onderworpen. 2015. Nederlands van M. de Haan.

Prent: Mother of Sin, kalligrafie. 1984. Beeld © Gertrudsdottir.

◊◊◊