
Auteur: Gertrudsdottir
De oogst

Zoals iedereen hield hij zichzelf voor een persoonlijkheid, terwijl hij slechts een exemplaar was en zoals iedereen zag hij in zichzelf, in zijn lot, het middelpunt van de wereld. Twijfels kende hij in de verste verte niet en wanneer feiten in strijd waren met zijn wereld-beschouwing sloot hij afkeurend zijn ogen.
– Hermann Hesse [1]
Ton sur ton
Knobbel
Dantes pijl
Dodekameron

Alom opgehoopte sneeuw.
Daarover, eindeloos,
het sledenspoor van het verlorene.Daaronder, geborgen,
stulpt zich opwaarts
wat de ogen zeer doet.
Heuvel na heuvel,
onzichtbaar.Paul Celan



